Logo HelmaTon

weggooien kan niet

29 december 2009

Als ik het boek voor het eerst opensla, straalt de zin me tegemoet:

‘Vroeger leefden we met het naïeve idee dat je iets kon weggooien. Maar je kan niets weggooien. Je kan het verplaatsen, het aan de aandacht onttrekken, maar daarmee is het niet weg.’

Ik kan nog zozeer mijn spullen van de hand doen, ze zijn er dan nog steeds wel. Geen enkele ingreep gebeurt ooit ge-isoleerd, alles wat we doen heeft repercussies op andere processen. Doen alsof, bijvoorbeeld alsof iets er niet meer is, is geen duurzame oplossing.

.

.

uit Edel Maex, Open Mind. Anders kijken naar de werkelijkheid, 2009, p. 70

wat mag er weg

28 december 2009

Zo tegen het eind van het jaar krijg ik leegruim-energie. Ik kijk in de kasten naar wat niet of niet meer nodig is. Ik kijk naar mijn boeken en cd’s en haal ertussen uit wat echt niet meer voldoet. En zo heb ik zojuist besloten om van mijn logeerkamer een coachings- / meditatieruimte te maken. Sinds ik er woon, nu bijna twee jaar, hebben er welgeteld 2 mensen in totaal 3 nachten geslapen. Het is een voornamelijk onbenutte ruimte gebleken. En dat terwijl ik me graag even terugtrek om te mediteren en steeds meer individuele coachee’s heb. Ik word er nu al vrolijk van dat ik die ruimte vrij ga maken, zonder die verder in te vullen. Ik laat de gedachte los dat ik een logeerkamer moet hebben (logeergelegenheid blijft er sowieso) en maak in plaats daarvan een nieuwe ruimte vrij om in thuis te komen en anderen in te verwelkomen.

Het is een goede oefening in aandacht : jezelf in liefdevolle vriendelijkheid de vraag stellen: wat mag er bij mij weg…. Wat was ooit dienstbaar, en is het nu eigenlijk niet meer. Of omgekeerd, wat is wel heilzaam en bied ik onvoldoende plaats.

Ik heb die oefening meerdere keren gedaan, met wisselend effect. Want vaak was ik rigoreus en radicaal en vroeg ik mezelf niet af : wat mag er bij mij weg? Maar: met hoeveel minder kan ik toe? Ik hield mezelf voor dat ik op vakantie met weinig toekon, dus thuis ook. Een bepaalde gestrengheid kwam over me: heb ik het echt nodig? nee? Hup, weg ermee. Achteraf beschouwd, had het iets bestraffends over zich. Een oordeelscomponent. Ik houd van mooie dingen.

Er is een subtiel, maar groot verschil tussen : wat mag er bij mij weg, en wat vind ik dat er wegmoet?

Het onderscheid wordt zichtbaar voor wie in milde vriendelijkheid de intentie achter de leegruim-energie onderzoekt.

ramsj

27 december 2009

Er zijn van die gelegenheden waarvoor ik mij met de nodige regelmaat tegen mijzelf in bescherming neem. Een ervan is de boekhandel. Als ik er binnenga, moet ik mij altijd beheersen. En juist omdat ik dat doe, vertrek ik die ene keer dat ik mezelf wel toesta om de beurs te trekken, meteen met 5 boeken tegelijk. Zoals vandaag. Een prachtig boek lag in de ramsj: ‘Compassie. luisteren naar de noden van de wereld‘ van Christina Feldman. Ik heb meerdere boeken van Feldman. Ik lees ze langzaam, want in alle eenvoud staan er prachtige zinnen in. Feldman weet waar ze het over heeft. Compassie is een kostbare eigenschap waar ieder mens in principe mee geboren is. Ze ontstaat uit de bereidheid pijn tegemoet te treden en er niet voor te vluchten. De pijn van anderen en van jezelf. Je oefenen in compassie is tegelijkertijd een uitnodiging om de scheiding te overbruggen tussen wij en zij. En daarmee ook actief te zijn in het opheffen van het lijden, het meehelpen de wereld beter achter te laten dan ze nu is.

De overige vier boeken?

-Malcolm Gladwell, Het beslissende moment, hoe je net het verschil kunt maken (oorspronkelijke titel : The tipping point) overigens net als het boek van Feldman vertaald door Marjolijn Stoltenkamp)

-Nassim Nicholas Taleb, De Zwarte Zwaan, de impact van het hoogst onwaarschijnlijke

-Berthold Gunster, Ja-maar®…huh?!, de techniek van het omdenken

-Kitchen Classics, Slow cooking, recepten die je moet hebben

Kerst

26 december 2009

Kerst verloopt altijd anders dan je denkt. Je hebt je boodschappenlijstje afgewerkt, alles wat erop staat heb je in huis, blijk je het recept niet goed te hebben overgeschreven uit het kookboek. Het is kerstavond en je hebt geen gemalen komijnzaad. Je gasten zeggen af – te bevreesd om de deur uit te gaan-, en je besluit om met al het eten en drinken, plus het nodige gerei- naar hen toe te gaan. Helemaal achterin het keukenkastje staat -warempel!- een potje komijnzaad. Die laat zich vast makkelijk tot poeder fijnstampen in een vijzel. Volgens het kookboek is de ceviche om je vingers bij af te likken, je gasten nemen geen tweede bordje. Je hebt voor iedereen een potje klavertjes-vier gekocht en vergeet die aan de eerste vertrekkende gasten mee te geven.

Kerst is een klassiek hectische tijd. Stressvol. Zeker als je veel ‘vooruit’ hebt moeten denken en plannen. Dan ligt het gevaar om de hoek dat je de realiteit van het moment afmeet aan je verwachtingen, -zo wil ik graag dat het gaat ! Vandaar ook ‘one step at a time, in time, alle the time’.  Geen vijzel? dan maar geen komijn.

quote

22 december 2009

‘being in the present moment is taking one step at a time, in time, all the time’

Mettavihari

op komst

21 december 2009

Na 3 maanden Iran en 6 maanden Zuid-Afrika komt zoonlief morgen terug op Schiphol. En ik ben een van de mensen die hem opwachten. Geen idee hoe de dag dan verder verloopt, maar ik ben er klaar voor. Dit weekend begon de grote schoonmaak in huis. En meteen ook maar alle stapels papier weggewerkt, richting de oud-papiermand of in plastic mapjes. Boekenkast verplaatst. Nieuw beddegoed op de logeerkamer, en de drie vuilniszakken met kleding die hij bij mij had gestald, uitgepakt en gesorteerd. Wat gestoomd moest laten stomen, en de rest wassen en strijken. Kerstkransjes in een porceleinen bakje.

Nest op orde.

Zo vreugdevol heb ik nog niet vaak gepoetst en gewreven, gestreken en geboend…

advent, maar dan anders

herinnering aan kou

20 december 2009

Buiten sneeuwt het en binnen is het inmiddels ook aardig koud. Sinds gisteren. Aan het begin van de avond viel de verwarming bij mij thuis uit. Nuon gebeld. Vanmorgen komt een verwarmingsmonteur. Ik heb mijn bergschoenen aan en mijn favoriete trui. Die heb ik gekocht nadat ik vorig jaar was omgekieperd in de Canadese wateren. Fleece van binnen, wolgebreid van buiten en met een grote ‘moose’ erop. Van het type dat Colin Firth moest dragen tijdens het kerstdiner in de film Bridget Jones’ Diary.

Echt koud heb ik het niet. Op IJburg kan de wind wel snijden.  En als de pas gevallen sneeuw wordt opgejaagd, wil de hond niet graag gebogen zitten. Echte kou ken ik alleen nog uit mijn jeugd. Om 7.00 uur omkleden in de houten badhokjes van het zwembad aan een zijtak van de Linge. Op de vlonder klappertandend wachten tot het fluitje van de badmeester gaat en je ‘erin’ mag. In bed liggend op de onverwarmde zolder bij oma thuis, met bloemen op de ramen en de geur van vocht in het hout van de sponningen en de dakspanten. Het geluid van de wind – toonhoogteverschillen, het aanzwellen en weer afnemen, en in de veilige wetenschap dat je grote broer in het andere kleine kamertje op zolder ligt. Spannend. Mijn kinderen zijn hun hele leven al dubbel glas gewend. Lipbalsem in hun tas als een vanzelfsprekendheid. Ergens in het aanrechtkastje moet ik nog een oude pot vaseline hebben.

stil zijn

19 december 2009

Soms geeft iemand je iets terug in woorden waar je stil van wordt. Dan kun je alleen maar ontroerd en dankbaar zijn. Zoals gisteren. Of iemand kijkt je alleen maar wat langer aan dan gewoonlijk en vraagt: gaatie? Zoals vandaag. En soms is er niemand om de stilte mee te delen -er is alleen het fluisteren van het hart.

een stukje vloer

17 december 2009

Een paar dagen terug schreef ik dat er mateloos veel manieren zijn om naar iets te kijken. En eigenlijk zijn die er al in mezelf, nog los van hoe anderen datzelfde ‘waarnemen’. Ik oefen het wel eens: lang naar iets volkomen onbeduidends kijken. Bijvoorbeeld gisteren, een stukje vloer in de tram. Als ik goed kijk naar dat ene stukje vloer, zeg -meer dan twee minuten… gaat het vertellen.

Ik moet mezelf dan wel iedere keer weer terughalen: ik word afgeleid want hopla, ik kijk naar mijn overbuurvrouw, met ipod, en ga fantaseren over wat ze allemaal wel niet zal horen… of ik ga staren en ben in het hoofd bezig met waar ik naar toe ga. De kunst is dan om jezelf weer terug te halen, vriendelijk en beslist, naar dat stukje vloer. Een soort puppy-training van de geest.

Alleen maar waarnemen wat er nu is, op die paar vierkante centimeters, aan kleurstellingen, lichtreflecties, vlekken… allemaal op hun beurt veranderlijk. Diezelfde plek in diezelfde tram ziet er vandaag weer heel anders uit.

van standpunt naar positie

16 december 2009

Onlangs zei een oud-politicus tegen mij: ‘ik neem steeds minder een standpunt in en steeds meer positie. Ik heb veel gedebatteerd in mijn leven. Ik vond het heerlijk, ik genoot ervan. Maar die debatten hebben de wereld en mijzelf niet echt verder gebracht. Standpunten verkondigen en uitwisselen, schiet niet op. Nu ik er uit ben, uit de wereld van de politiek en het openbaar bestuur en terugkijk, denk ik : ik heb me nodeloos druk gemaakt om mijn eigen mening. Maar politiek is veel meer een zaak van reflectie en positie kiezen.’

Ik heb een tijdje in mezelf rondgelopen met dat begrip ‘positie’. Wat bedoelde hij precies, en welke betekenis geeft het woord aan mij. Wat wordt in dat ene woord aangereikt..

dit, denk ik, vooralsnog : ‘naast wie ga je staan, voor wie sta je in, achter wie stel je je op…. daar zit zorgzame beweging in